Landschapselementen - kleine natuur met grote waarde op jouw erf of percelen
Heb je een poel, een heg, struweelranden een rij knotbomen of een oude hoogstamboomgaard op of langs je percelen? Dan kun je voor het onderhoud daarvan een vergoeding krijgen via het ANLb. Landschapselementen zijn de ruggengraat van het kleinschalige boerenlandschap in Limburg. Ze bieden schuilplaats, voedsel en voortplantingsplekken voor tientallen soorten dieren - van steenuil en boomkikker tot kerkuil en grauwe klauwier.
- Schuilplaats & broedplek - Hagen, struweelranden, bosjes en knotbomen (en hun randen) bieden nestgelegenheid en voedsel voor steenuil, kerkuil en diverse zangvogels
- Water & amfibieën – Poelen (en bovengenoemde nabijgelegen hagen, bosjes of steen- en takkenhopen voor landhabitat) zijn onmisbaar voor boomkikker, kamsalamander en andere amfibieën in Limburg, maar ook voor insecten
- Landschap & erosie - Heggen, graften en houtwallen beschermen de bodem en versterken het Limburgse coulisselandschap
Hoe werken pakketten voor landschapselementen?
Bij landschapselementen gaat het om het onderhoud van bestaande elementen op je bedrijf of percelen. Denk aan het knotten van wilgen, het snoeien van een haag of het schonen van een poel. Je voert het beheer uit zoals afgesproken en meldt dit via MijnBoerenNatuur. Daarvoor ontvang je een jaarlijkse vergoeding.
Let op: NRL vergoedt het beheer van bestaande landschapselementen, niet de aanleg van nieuwe. Voor aanlegvergoedingen zijn soms regelingen beschikbaar via de provincie of gemeente. Onze veldmedewerker informeert je over de mogelijkheden in jouw regio.
Inventariseer je elementen
Welke poelen, hagen, knotbomen of bosjes liggen op of langs jouw percelen?
Aanvraag via ons
Wij beoordelen welke elementen in aanmerking komen en regelen de aanvraag bij de provincie.
Beheer uitvoeren en melden
Je voert het onderhoud uit op het afgesproken moment en meldt dit via MijnBoerenNatuur.
Vergoeding ontvangen
Jaarlijkse uitbetaling via RVO, na controle en goedkeuring door het collectief.
Voorbeelden van pakketten voor landschapselementen
Landschapselementen zijn er in veel vormen. Hieronder staan veelvoorkomende typen in Limburg, met het bijbehorende beheer en de soorten die er gebruik van maken.
Poel en klein historisch water
Een poel is een geïsoleerd stuk stilstaand water, gevoed door grond- of regenwater. Poelen zijn onmisbaar voor onder andere boomkikker, kamsalamander, vroedmeester- en vuurbuikpad en insecten zoals libellen. Het beheer bestaat uit gefaseerd schonen: maximaal 75% van de poel tegelijk, zodat er altijd een deel onaangeroerd blijft. Maaisel en snoeiafval worden afgevoerd. Vissen mogen niet in de poel voorkomen, want die eten amfibieën larven op.
Gefaseerd schonen | Geen vissen in de poel | Amfibieën en insecten
Struweelhaag en struweelrand
Een struweelhaag bestaat uit inheemse struiken zoals meidoorn, sleedoorn, vlier en hondsroos. De haag wordt niet jaarlijks geknipt, maar cyclisch beheerd - eens in de vijf tot zeven jaar wordt een deel afgezet of teruggesnoeid. Zo ontstaat een gevarieerde structuur met dichte begroeiing voor broedende vogels zoals grasmus, roodborsttapuit en grauwe klauwier, en een rijke voedselbron van bessen en zaden.
Cyclisch beheer (5-7 jaar) | Inheemse struiken | Spotvogel, grauwe klauwier, kleine zoogdieren
Solitaire knotbomen en knotbomenrijen
Knotbomen - wilg, eik, els, es of populier - worden eens in de drie tot vijf jaar geknot. Oude knotbomen met holtes zijn waardevol als nestplaats voor steenuil en ransuil. De vroeg bloeiende knotwilg is een belangrijke voedselbron voor wilde bijen in het vroege voorjaar. De ruigere strook tussen de bomen biedt leefruimte voor muizen en kleine zoogdieren, wat op zijn beurt roofvogels aantrekt. Beheer wordt gemeld bij NRL via MijnBoerenNatuur.
Knotten elke 3-5 jaar | Melden via MijnBoerenNatuur | Steenuil, ransuil, wilde bijen, torenvalk
Half- en hoogstamboomgaard
Een hoogstamboomgaard met minimaal tien fruitbomen op een stam van minstens 1,5 meter hoog. De onder begroeiing bestaat uit kruidenrijk grasland. Het beheer omvat snoeien, maaien van de ondergroei en het in stand houden van de bomen. Hoogstamboomgaarden zijn waardevol voor steenuil, grote bonte specht, vleermuizen en talloze insecten. In het Limburgse heuvelland zijn ze een kenmerkend onderdeel van het cultuurlandschap.
Snoeien en maaien ondergroei | Minimaal 10 bomen | Steenuil, vleermuizen, insecten, grote bonte specht
Hakhoutbosje en bosje
Een hakhoutbosje bestaat uit inheemse bomen en struiken die cyclisch worden afgezet — eens in de vijf tot twaalf jaar, afhankelijk van de soort. Door het afzetten ontstaat een gevarieerde leeftijdsopbouw met open plekken, lage begroeiing en opgaand hout. Dat trekt soorten als wielewaal, nachtegaal en diverse vlinders. Een bosje met opgaande bomen en duidelijke ondergroei biedt nestgelegenheid en foerageerplek voor talloze soorten.
Cyclisch afzetten | Inheemse bomen en struiken | Nachtegaal, wielewaal, vlinders, vleermuizen
Veel gestelde vragen
Heb je landschapselementen op je percelen en wil je weten wat er mogelijk is?
Neem contact op of word lid.