Groei ANLb-contracten 2026! Actualisatie van pakketten en prioriteiten

 

In 2026 komt er veel samen: Europese koerswijzigingen, nationale aanscherpingen en een provinciale ambitie die steeds concreter wordt. Dit is hét moment om als leden van Natuurrijk Limburg vooruit te kijken naar wat er ecologisch en beleidsmatig op ons afkomt. Hieronder vind je de vijf belangrijkste ontwikkelingen, vertaald naar het landschap waarin wij werken.

Resultaatgericht ANLb-beheer: landelijke focus op ecologische impact

Het ANLb beweegt richting meetbare ecologische resultaten. De vraag wordt steeds duidelijker: welke maatregelen leveren welke soorten in landbouwgebied echt voordeel op? Dit zijn voor lidstaten vanuit Europa verplichtingen vanuit de Vogel- en Habitatrichtlijn en straks vanuit de Natuurherstelverordening.

Voor Limburg draait het onder meer om:
– akkervogels zoals veldleeuwerik, kneu en patrijs,
– zoogdieren zoals hamster en hazelmuis,
– amfibieën zoals kamsalamander en vroedmeesterpad,
– en bestuivende insecten zoals wilde bijen, dagvlinders en zweefvliegen.

 

Deze ontwikkeling sluit aan bij de kracht van de Limburgse aanpak: gebiedsgericht werken, goede monitoring en sterke samenwerking met boeren en particulieren.

Limburg op weg naar 10% groenblauwe dooradering

De provincie werkt vanuit het landelijke Aanvalsplan Landschap richting een landschap met minstens 10% functionele landschapselementen. Dit is een sleutelvoorwaarde voor biodiversiteit en klimaatbestendigheid. Met al het ANlb, dus inclusief perceelsgericht beheer en niet alleen de landschapselementen, zijn we nu op 5,2% groenblauwe dooradering gekomen van het totale landbouwareaal van Limburg.

Belangrijke Limburgse elementen:
– heggen en houtwallen (spotvogel, geelgors, hazelmuis),
– poelen (kamsalamander, boomkikker in Midden-Limburg en vroedmeesterpad en geelbuikvuurpad in Zuid-Limburg),
– hoogstamboomgaarden (steenuil, wilde bijen),
– bloem- en kruidenrijke zones (vlinders, wilde bijen).

 

Europese agenda: bodem, water en biodiversiteit centraal

De Europese Green Deal en de Biodiversiteitsstrategie sturen stevig op ecosysteemdiensten, gezonde bodems en waterretentie. In Limburg is dit extra relevant vanwege droogte en erosie in hellinggebieden.

Maatregelen die in waarde toenemen:
– kruidenrijk grasland,

  • Wintergroene akkers
    – brede bufferstroken,
    – houtige elementen voor schaduw en waterberging,
    – plasdras en natte zones als ecologische stapstenen.

Hier profiteren soorten van zoals kneu, geelgors, patrijs, talrijke insecten.

 

Groei ANLb-contracten 2026: actualisatie van pakketten en prioriteiten

De uitbreiding van het ANLb in Limburg voor de periode 2023–2028 is gebouwd op een heldere gedachte: hoe meer we de ‘haarvaten’ van het landschap versterken, hoe groter het effect wordt voor natuur, landbouw en de leefomgeving. Dat gaat over versterking van landschapstypen, betere leefgebieden voor soorten én een aantrekkelijker en toekomstbestendiger landschap.

  1. Van doelsoorten naar sterke landschappen

De basis van het ANLb blijft het verbeteren van leefgebieden voor soorten zoals patrijs, steenuil, das, hazelmuis, akkervogels en amfibieën. Deze soorten helpen ons bepalen waar we moeten werken. Maar het gaat niet alleen om soorten—het gaat om het versterken van hele landschapstypen, zoals beekdalen, plateaus, mozaïeklandschappen en de kleinschalige velden.
Door in deze gebieden de structuur te verbeteren (heggen, houtwallen, poelen, kruidenrijk beheer) ontstaat een veerkrachtig systeem dat vele soorten tegelijk helpt.

  1. Vrijwillige deelname, maar wel gericht op de beste plekken

De uitbreiding werkt alleen als beheerders gemotiveerd meedoen. Daarom begint elk contract bij een goed gesprek:
– Wat is ecologisch wenselijk in dit gebied?
– Wat past bij het bedrijf?
– Wat kan nu al, en wat pas op termijn?
Deze aanpak zorgt ervoor dat uitbreiding niet willekeurig is, maar past binnen gedeelde ambities én de werkelijkheid van het bedrijf.

  1. Limburg bouwt aan icoonlandschappen

Limburg heeft nu al drie icoonlandschappen (Noorbeek, Sint-Jansberg, Geuldal), gebieden die uitzonderlijk rijk zijn aan natuur, historie en samenhang.
De uitbreiding richt zich op nieuwe kansrijke gebieden zoals de Maasduinen, de Groote Peel, het Roerdal/Meinweg en het Leudal.
Dit zijn landschappen waar al veel pakketdeelname is en waar versterking snel effect heeft.

  1. Vergoedingen moeten realistisch zijn om beheer mogelijk te maken

De extra hectares kunnen alleen tot goed beheer leiden als de vergoeding klopt. Uit de begroting blijkt dat een groot deel van het indexeringsbudget nodig is voor:
– aangepaste tarieven voor arbeidsintensieve pakketten (zoals heggen, graften),
– nieuw beheer (zoals pleegakker en boomgaard met holtebomen),
– toeslagen die kwaliteit vergroten (kleinschaligheidstoeslag, hamsterstroken),
– en experimenten (zoals klaveronderzaai in graan).
Zo wordt deelname aantrekkelijker en wordt kwaliteit beloond.

Schrijf u in voor
onze reguliere nieuwsbrief

Selecteer extra themalijst(en) voor specifieke beheertips en blogs

We spammen niet! Lees ons privacybeleid voor meer info.